Nierfalen bij de kat (chronische nierinsufficiëntie)

 
 

 


Sommige katten krijgen als  gevolg van CNI te maken met spierzwakte: Deze kat kan z’n kop niet meer opheffen en behoorlijk staan.

 

Chronisch nierfalen, ook wel chronische nierinsufficiëntie (CNI) genoemd, is een van de meest voorkomende aandoeningen bij oudere katten. In de meeste gevallen is CNI een progressief proces, zodat in de loop van de tijd de aandoening geleidelijk voortschrijdt en verergert. In welke mate de ziekte voortschrijdt is onderhevig aan grote individuele verschillen.
Aangepaste verzorging en behandeling kan zowel de levenskwaliteit van de kat verbeteren als ook de levensverwachting verlengen, doordat de voortgang van het ziekteproces afgeremd wordt.

Wat veroorzaakt chronisch nierfalen?

CNI ontstaat als gedurende langere tijd onomkeerbare schade aan het nierweefsel wordt toegebracht, die het vermogen om het bloed te filteren en te zuiveren van afvalstoffen aantast. In de meeste gevallen waar de diagnose CNI wordt gesteld blijft de oorspronkelijke oorzaak onbekend. Nierbiopten (monsters genomen uit het aangetaste nierweefsel) laten meestal aanzienlijke hoeveelheden bindweefsel zien die normaal nierweefsel vervangen, vaak met enige ontstekingscellen (zogenaamde ‘chronische interstitiële nefritis’). Deze veranderingen in het nierweefsel passen bij een hele groep aandoeningen.
Toch zijn er ook enkele specifieke oorzaken van CNI:

  • Polycystic Kidney Disease, PKD - een erfelijke aandoening die vooral gezien wordt bij Perzische en Exotic katten, waarbij normaal nierweefsel geleidelijk vervangen wordt door meerdere met vocht gevulde cysten die zich in de nier ontwikkelen.
  • Niertumoren - zoals bv lymfoom (een massieve tumor van witte bloedcellen), die de nieren aantasten en CNI veroorzaken.
  • Infecties - bacteriële infecties van de nieren (pyelonefritis) kunnen optreden als gevolg van uitbreiding van blaasinfecties en zo uitgebreide nierschade veroorzaken die leidt tot CNI.
  • Overige oorzaken - zoals intoxicaties (lelie, tulp, niet-steroïde ontstekingsremmers), ontwikkelingsstoornissen vanaf de geboorte en langdurende ontstekingen zoals glomerulonefritis.

In de meeste gevallen is de oorzaak van CNI niet meer te achterhalen en is de behandeling gericht op ondersteuning. Als er nog wel een oorzaak vast te stellen is en indien deze behandelbaar is, bestaat er een mogelijkheid om het voortschrijden van de ziekte te stoppen.

Hoe vaak komt chronisch nierfalen voor?

Chronisch nierfalen kan voorkomen bij katten van alle leeftijden, maar wordt meestal gezien bij katten vanaf middelbare tot oudere leeftijd, met een toename naarmate de leeftijd stijgt. Er is vastgesteld dat ongeveer één op de vijf katten boven de leeftijd van 15 jaar aan chronisch nierfalen lijdt. Over het algemeen komt chronisch nierfalen bij de kat drie keer zo vaak voor dan bij de hond.

Wat is de normale functie van de nieren?


In ernstige gevallen van CNI worden de nieren erg klein en wordt functioneel nierweefsel vervangen door bindweefsel.

De nieren vervullen veel uiteenlopende belangrijke functies, waaronder het zuiveren van gifstoffen uit het bloed en het handhaven van de vocht- en mineralenhuishouding in het lichaam.

Het bloed wordt voortdurend door de nieren gefiltreerd om schadelijke afvalproducten van de stofwisseling te verwijderen. Tijdens dit proces wordt urine gevormd. De nieren concentreren tevens de urine waardoor vocht weer voor het lichaam ter beschikking komt en uitdroging  voorkomen wordt.

De nieren spelen ook een belangrijke rol bij het handhaven van de electrolytenbalans (kalium, natrium, calcium, fosfaat, enz.) in het lichaam, het zuur-base-evenwicht in het bloed en het reguleren van de bloeddruk. Verder produceren ze het hormoon erythropoietine dat het beenmerg aanzet tot het produceren van rode bloedlichaampjes

Gelukkig hebben de nieren een aanzienlijke ‘reservecapaciteit’ en daarom kan bij zowel gezonde mensen als dieren een nier verwijderd worden (bv voor transplantatie) zonder schadelijke gevolgen. In feite treden de verschijnselen van nierfalen pas op zodra tweederde tot driekwart van het functionele nierweefsel verloren is gegaan.

Wat zijn de klinische symptomen en de complicaties  van chronisch nierfalen?

In de meeste gevallen is chronisch nierfalen een ziekte met een progressief verloop, die  zich traag en sluipenderwijs ontwikkelt, al kan het in sommige gevallen lijken alsof de symptomen erg plotseling optreden. De meeste verschijnselen zijn vaag en weinig specifiek. Voor een deel ontstaan ze door de opstapeling van toxinen in het bloed, die normaal via de urine afgevoerd zouden worden. De meest voorkomende symptomen zijn slechte eetlust, gewichtsverlies, uitdroging, sloomheid en lusteloosheid. Vaak wordt er door de kat meer gedronken en worden grotere hoeveelheden urine geproduceerd (ten gevolge van het verlies van het concentrerend vermogen van de nieren bij veel katten). Andere verschijnselen die op kunnen treden zijn een mottige vacht, braken, slechte adem, zweren in de bek en zwakte. Aangezien chronisch nierfalen een voortschrijdende aandoening is zullen de verschijnselen, ondanks een ingestelde behandeling, met de tijd verslechteren.

Door de talrijke functies van de nieren kunnen bij de zieke katten nog tal van complicaties optreden: afwijkingen in de mineralenhuishouding (bv. lage kaliumconcentratie of hoge fosfaatconcentratie in het bloed), het vasthouden van teveel zuur in het lichaam (‘acidose’), de ontwikkeling van hoge bloeddruk (hypertensie) en anemie (te laag aantal rode bloedcellen).

De diagnostiek van nierfalen

De klinische symptomen die optreden bij een kat met chronisch nierfalen zijn niet specifiek. Ze kunnen ook door diverse andere ziekten veroorzaakt worden. De diagnose van chronisch nierfalen wordt dan ook gesteld op basis van bloed- en urineonderzoek. Gewoonlijk worden twee stoffen – ureum en creatinine  - in het bloed gemeten, aangezien deze produkten zijn van de stofwisseling en normaal gesproken door de nieren uitgescheiden worden. Bij chronisch nierfalen zijn de concentraties van beide stoffen in het bloed toegenomen. Echter aangezien er  nog andere aandoeningen zijn waarbij deze stoffen in het bloed kunnen toenemen, wordt meestal tegelijkertijd een urinemonster onderzocht.

Bij chronisch nierfalen zal dan, naast de passende ziekteverschijnselen en de toegenomen bloedwaarden van ureum en creatinine, de urine slecht geconcentreerd zijn. Dit laatste wordt bepaald aan de hand van het ‘soortelijk gewicht’: bij de meeste katten met nierfalen is deze lager dan 1,030.

De behandeling van nierfalen

In sommige gevallen van nierfalen kan een specifieke oorzaak vastgesteld worden (bv een bacteriële infectie van de nieren) en in die gevallen kan een therapie gericht op deze oorzaak ingesteld worden. Meestal is die oorzaak echter niet vast te stellen en is de behandeling gericht op behandeling van de ziekteverschijnselen van nierfalen. Sommige katten hebben in eerste instantie intraveneuze vochttherapie nodig om de uitdroging en eventuele afwijkingen in de mineralenhuishouding te corrigeren, maar zodra de toestand zich gestabiliseerd heeft is de behandeling gericht op het ondersteunen van de nierfunctie en het beperken van de complicaties van nierfalen. Chronisch nierfalen is een onomkeerbaar proces en zal ondanks de ingestelde behandeling in de meeste gevallen voortschrijden.

Optimale ondersteuning van nierfalen vraagt meestal om het regelmatig en herhaald uitvoeren van onderzoeken (inclusief bloeddrukmeting, bloed- en urineonderzoek) om behandelbare complicaties te herkennen zodra deze zich voordoen, b.v. anemie (verlaging van circulerende rode bloedcellen), laag kalium, hoog fosfaat, urineweginfecties en hypertensie..

Waarom is dieetvoeding belangrijk bij nierfalen?

Dieetondersteuning is belangrijk voor katten met chronisch nierfalen..Hierbij zijn de volgende drie punten van belang:

Vochtopname

Katten met chronisch nierfalen hebben een verhoogd risico op uitdroging (als gevolg van het afgenomen vermogen van de nieren om water vast te houden door urine te concentreren). Het handhaven van een goede vochtopname is dus zeer belangrijk en aangezien katten een groot deel van hun vochtbehoefte uit het voedsel halen zouden katten zoveel als mogelijk blikvoer (of sachets) in plaats van droogvoer gegeven moeten worden.

Eiwitgehalte

De ideale voeding voor katten met chronisch nierfalen heeft een laag eiwitgehalte - veel van de  giftige stoffen die zich bij nierfalen in het bloed opstapelen ontstaan bij de eiwitvertering. Het geven van een voeding met laag eiwitgehalte zal bijdragen aan het beperken hiervan. Deze eiwitbeperking moet echter wel met de nodige voorzichtigheid gebeuren. Te weinig eiwit in de voeding kan leiden tot een overmatig gewichtsverlies en dat zou zeer nadelig zijn voor de algemene gezondheidstoestand. Daarom is het beter om gebruik te maken van speciaal ontwikkelde commerciële diëten in plaats van ‘thuisbereid’ voer.

Eiwitarme voeding is voor katten meestal minder smakelijk. Als katten met chronisch nierfalen hun dieetvoeding weigeren is het beter dat ze een normale voeding eten dan dat ze te weining eten. Katten kunnen soms gestimuleerd worden om dieetvoer te eten door verschillende soorten laag eiwit dieet aan te bieden, het voer op te warmen of door tijdelijk het dieetvoer met hun gewone voer te mengen.

Laag fosforgehalte

Het beperken van het fosfaatgehalte lijkt een goede bijdrage te leveren aan het beschermen van de nieren tegen verdere beschadiging als gevolg van chronisch nierfalen. Commerciële nierdieten zijn dan ook meestal eiwit- en fosfaatbeperkt. Als een kat het dieet met een verlaagd fosfaatgehalte niet eet of wanneer de bloedwaarden van fosfaat te hoog blijven ondanks het dieet, is het mogelijk om fosfaatbindende stoffen (bv aluminiumhydroxide of calciumacetaat) aan het dieet toe te voegen om de opname van fosfaat uit de darm te verminderen. Dit dient  slechts na advies van een dierenarts te gebeuren.

Overige dieetmaatregelen

Commerciële nierdiëten voor katten zijn vaak nog op andere manieren aangepast - b.v. de toevoeging van extra vezels en van sommige meervoudig onverzadigde vetzuren hebben mogelijk een positief effect bij de behandeling van nierfalen.

Welke andere behandelingsmethoden zijn mogelijk voor nierfalen?

Intraveneuze vochttherapie kan van groot belang zijn bij de behandeling van CNI

Voldoende vochtopname, meestal nauw gekoppeld aan een dieet (zie hierboven),  is zonder meer zeer belangrijk voor een kat met nierfalen. Katten met nierfalen raken snel uitgedroogd, hetgeen weer een nadelig effect heeft op de nierfunctie. Een goede drinkwaterverstrekking is dan ook essentieel: katten moeten altijd vers water tot hun beschikking hebben en de wateropname kan verder nog gestimuleerd worden  door meerdere drinkbakjes te geven of door “drinkfonteintjes” te gebruiken en door water met een smaakje aan te bieden (b.v. kip of tonijn).
Sommige katten, meestal in een verder gevorderd stadium van CNI, hebben baat bij regelmatige intraveneuze of subcutane vochttoediening. Meestal moet dit door een dierenarts uitgevoerd worden, maar in sommige gevallen is het mogelijk dat de eigenaar de subcutane toediening zelf thuis uitvoert.
Andere behandelingen zijn over het algemeen gericht tegen specifieke complicaties van nierfalen, bijvoorbeeld:

Kaliumsupplementatie

Sommige katten metchronisch nierfalen ontwikkelen lage bloed kaliumspiegels, hetgeen het  nierfalen verder kan verergeren. Wanneer dit geconstateerd is zal kaliumsupplementatie via tabletten, gel of poeder zinvol zijn.

Hoge bloeddruk

Katten met chronisch nierfalen die een hypertensie ontwikkelen lopen het risico op verdere complicaties. Behalve dat dit mogelijk de nieren nog verder beschadigt, kan dit leiden tot  oogproblemen (oogbloedingen en netvliesloslating) die kunnen resulteren in (plotseling optredende) blindheid of neurologische complicaties (hersenbloedingen).
Als hypertensie wordt vastgesteld, is deze doorgaans succesvol met medicatie te behandelen (tabletten).

De behandeling van anemie

Anemie komt veel voor bij katten in een gevorderd stadium van nierfalen. Wanneer dit gering is  hoeft dit geen reden tot bezorgdheid te zijn, maar bij meer gevorderde anemie kan dit bijdragen tot de verschijnselen zoals lusteloosheid en algehele zwakte. Afhankelijk van de ernst en oorzaak van de anemie zijn er verschillende behandelingsmogelijkheden waaronder anabole steroïden, ijzersupplementatie, behandeling van aanwezige maagdarmzweren en in sommige vergevorderde stadia kan supplementatie van erytropoietine (het hormoon dat de productie van rode bloedlichaampjes stimuleert) nuttig zijn.

Behandeling van misselijkheid en braken

Misselijkheid en braken komen geregeld voor in vergevorderde stadia van nierfalen en kunnen een grote invloed hebben op de levenskwaliteit en eetlust van de kat.
Als dit probleem zich voordoet zijn er diverse medicijnen om dit te behandelen.

Het gebruik van “ACE-remmers”.

ACE-remmers, zoals benazepril, behoren tot een groep medicijnen met een overwegend vaatverwijdende werking. Bij mensen worden ze regelmatig gebruikt bij de behandeling van nierfalen vanwege hun positieve effect op de nierwerking en het verminderen van eiwitverlies via de urine (hetgeen toegenomen kan zijn en schadelijk kan zijn voor de nieren).

Er zijn aanwijzingen dat deze groep medicijnen ook bij katten met nierfalen een positief effect kan hebben. Het is echter niet zeker of dit bij alle katten het geval is en in welke gevallen katten hier baat bij kunnen hebben. Volgens de huidige inzichten zijn het mogelijk de katten met een verhoogd eiwitverlies via de urine die het beste op deze medicijnen zullen reageren.
Als het medicijn wordt ingezet, dan is het verstandig om veranderingen van bloed- en urinewaarden en het verloop van klinische verschijnselen goed te volgen om zo het effect te evalueren.

Wat is de prognose?

Vanaf het moment dat er voldoende nierweefsel is beschadigd om chronisch nierfalen te veroorzaken, zullen de compenserende veranderingen en aanpassingen die optreden met als doel een normale nierfunctie  te behouden op den duur falen en zal voortschrijdende nierschade optreden. De aandoening is dus een voortschrijdend proces dat uiteindelijk zal leiden tot euthanasie.
Er is echter een grote individuele variatie in het ziekteverloop en een aangepaste ondersteuning en behandeling kunnen zowel de levenskwaliteit van de zieke katten vergroten als ook de snelheid waarmee de nieraandoening voortschrijdt mogelijk afremmen.

Informatie uitgegeven door FAB, november 2005.
Vertaling: oktober 2006      
                                   

sharing information for the good of cats

NVK is a member of FVF

©This information sheet is produced by the Feline Advisory Bureau

The Feline Advisory Bureau is the leading charity dedicated to promoting the health and welfare of cats through improved feline knowledge, to help us all care better for our cats. Currently we are helping almost 4 million cats and their owners a year. If this advice has helped you care better for your cat please enable us to help others by making a donation. To do this you can either click here or send a cheque to the address below (made payable to ‘Feline Advisory Bureau')

FAB, Taeselbury, High Street, Tisbury, Wiltshire, UK, SP3 6LD

Tel: (0)870 742 2278  Fax: +44(0)1747 871 873

Email: information@fabcats.org

 

Registered Charity No: 254641